woensdag 17 september 2014

Chocolade-karamel verjaardagstaart

Afgelopen weekend was vierden we samen onze verjaardag voor onze familie en vrienden, en we hebben een poging gedaan om ons flink uit te sloven in de keuken. De desserts zullen de komende weken op Toetjes als Ontbijt verschijnen, te beginnen met onze chocoladetaart met (gezouten) karamelcreme. We maakten er twee: een met drie lagen en een met twee. De eerste was zo snel op dat er geen foto's van zijn, daarom zien we op deze foto's die met twee lagen. ;-)


BENODIGDHEDEN
Voor de cake
- 300 gram boter
- 300 gram suiker
- 330 gram bloem 
- 140 gram basterdsuiker
- 3 eieren
- 160 ml karnemelk
- 100 gram cacao
- 1 tl (zelfgemaakte) vanillesuiker
- 2 tl bakpoeder
- 1/2 tl zout

Voor de crème
- 250 gram boter
- Een blikje gecondenseerde melk (a 497 ml.)
- Zeezout

We beginnen allereerst met het klusje dat het langst duurt: het maken van de karamel. We gebruiken hiervoor een blikje gecondenseerde melk. Kook een pan vol water en leg het blikje gecondenseerde melk in het water. Zorg dat het blikje helemaal onder water komt te staan, anders kan hij ontploffen en vliegt de karamel door de keuken (krijg je wel een soort van eetbaar Hans en Grietje-huis, ook wel eens grappig). Het koken duurt ongeveer drie uur. Als je het blikje vervolgens openmaakt, is het lichtbruine karamel geworden.

Verwarm ondertussen de oven voor op 170 graden. Klop vervolgens de boter en allebei de soorten suiker. Wanneer dit mengsel licht en romig is, voeg je één voor één de eieren erbij. Meng in een andere kom de cacao, de karnemelk en het water tot het een glad geheel is. Weeg vervolgens -weer- in een andere kom de bloem, het bakpoeder en het zout.


Voeg vervolgens een lepel van het bloemmengsel en een lepel van het cacaomengsel bij het botermengsel. Doe dit met een spatel of een houten lepel, dit gaat beter dan met een handmixer. Blijf het bloemmengsel en cacaomengsel lepel voor lepel toevoegen tot alles samengevoegd is.


Omdat we de cake uiteindelijk in laagjes gaan verdelen, is het handig om een hoge bakvorm te gebruiken. Je kan uiteraard ook het beslag in twee/drie delen (dit ligt eraan hoeveel lagen je wil hebben) verdelen en alle lagen apart afbakken. Hierdoor is de baktijd ook moeilijker in te schatten. De taart is klaar wanneer een (saté)prikker er schoon uitkomt als je hem in de cake steekt. De cake moet wel droog zijn van binnen, omdat je hem anders erg moeilijk in lagen kan snijden.

Wanneer de cake in de oven staat, kan je alvast gaan beginnen met de karamelcrème. Klop de boter met een mixer tot deze licht en romig is. Voeg (naar smaak) een paar grote lepels van de karamel toe, en maak het af met een snuf zout. Je moet zelf even de balans zoeken tussen zoet en zout, dit kan voor iedereen naar smaak anders zijn. Je kan altijd tussendoor wat meer karamel toevoegen, let wel op dat de crème wel vast genoeg moet blijven om tussen de cake te smeren.

Snijd de cake, wanneer deze is afgekoeld, met een cakesnijder of een scherp mes (en een zeer vaste hand) in lagen. Besmeer de cake rijkelijk met de karamelcrème, en zet de taart in elkaar. Bewaar hem tot het moment van serveren in de koelkast, zodat de crème stevig blijft en niet wegsmelt. En klaar ben je: een absolute showstopper van een taart!

TIP I: Open het blikje (gekookte) gecondenseerde melk wanneer deze is afgekoeld. Het wil nog wel eens uit het blikje ploffen wanneer je hem openmaakt als hij net uit het water komt.

TIP II: Karamel over? Voeg wat grof zeezout toe en bewaar het in een potje in de koelkast, heerlijk voor op brood, in de yoghurt of... Waar niet voor eigenlijk?!

TIP III: Kook meerdere blikjes gecondenseerde melk tegelijk. Scheelt je de volgende keer (want die komt natuurlijk) toch weer drie uur koken en het blijft toch tot in de eeuwigheid goed omdat het nog in het blikje zit. (bron: Emiel de Leeuw)





zaterdag 30 augustus 2014

Banoffee cupcakes

Banoffee (een combinatie van banaan en toffee) is een Engelse uitvinding uit de jaren zeventig. Het is inmiddels in verschillende vormen (taart, cake, creme, koekjes) te verkrijgen. Wij zijn er helemaal aan verslingerd, en maakten voor jullie banoffee cupcakes. Alsof er een engeltje op je tong... Ach lees maar snel.


BENODIGDHEDEN
Voor de cupcakes
- 250 gram ongezouten boter (op kamertemperatuur)
- 250 gram suiker
- 4 eieren
- 1 rijpe banaan
- 250 gram zelfrijzend bakmeel

Voor de karamelsaus
- 300 gram kristalsuiker
- 80 milliliter water
- 350 milliliter slagroom
- Optioneel: verse vanille 

Voor de botercreme (glazuur)
- 175 gram ongezouten boter (op kamertemperatuur)
- 275 gram poedersuiker
- Een paar goede eetlepels van je zelfgemaakte karamelsaus

Om te beginnen sla met een mixer de boter en de suiker met elkaar op tot het luchtig en lichter van kleur is. Hoe langer hoe lekkerder, zo worden de cakejes het luchtigst. Verwarm ondertussen de oven alvast voor op 170 graden. Vervolgens voeg je de eieren een voor een bij het boter-suikermengsel. Prak hierna een (het liefst té) rijpe banaan en voeg deze bij het beslag.


Lepel voorzichtig het zelfrijzend bakmeel erbij. Je kan dit ook met de mixer doen maar door een metalen lepel te gebruiken houd je zoveel mogelijk lucht in het mengsel, zodat je cakejes super luchtig zullen zijn wanneer ze uit de oven komen. Plaats de cupcake-papiertjes in de bakvorm (als je geen vorm hebt, kan je de vormpjes ook los in de oven plaatsen) en vul ze met het beslag. Zet de cakejes-to-be in het midden van de oven voor ongeveer 20 tot 25 minuten, of tot ze goudbruin zijn en een sateprikker er schoon uitkomt wanneer je deze in een cakeje prikt.



Als de cakejes in de oven staan, kunnen we ondertussen aan de slag met de botercreme (het glazuur). Hiervoor maken we eerst karamel. Dit is de smaakmaker van de creme. De karamel maak je door de boter, poedersuiker, slagroom, water en (optioneel) verse vanille bij elkaar in een pannetje te doen en dit op een laag vuurtje te zetten en laten pruttelen tot het een karamel-achtige kleur en consistentie heeft. Dit kan best een poosje duren. Wanneer de karamel een goed kleurtje heeft (lichtbruin) en het een siroop-achtige consistentie heeft kan je het pannetje van het vuur halen en laten afkoelen. 

Nu is het tijd voor het maken van de basis van de botercreme. Net zoals bij de cakejes klop je de suiker en de boter bij elkaar tot het zacht is en de kleur bijna wit is. Nu kan je de karamel die we net gemaakt hebben erbij doen. Hoeveel je erbij doet kan je helemaal zelf bepalen. Zorg wel dat de karamel helemaal is afgekoeld voordat je het bij het botermengsel voegt, anders smelt de boter en gaat het mengsel schiften. Breng de creme met een spatel aan op de cupcakes, of als je het heel netjes wilt doen, met een spuitzak zodat er een mooie gelijke 'toef' op elk cakeje zit.


Decoratie van de cakejes: karamelschotsen
Ter decoratie hebben wij nog wat harde karamel gemaakt. Dit hebben we gedaan door suiker met wat zout en verse vanille in een pannetje te laten koken tot de suiker bruin wordt en je de karamelisatie van de suiker begint te ruiken en te zien. Wanneer de karamel een goudbruine kleur heeft, is hij goed. Sla op de geharde karamel met de achterkant van een keukenmes en plaats de 'karamelschotsen' in de cakejes.


Geniet ervan! :-)




zaterdag 16 augustus 2014

Lavendel shortbread

Wanneer ik mijn achtertuin in loop, komt de geur van lavendel me tegemoet. Een paar weken stonden ze nog volledig in bloei, nu zijn ze wat ingedroogd en zijn ze wat minder paars van kleur. Lavendel in zeep, kaarsen en in zakjes in de kledingkast kennen we allemaal wel, maar je kan het ook heerlijk in voedsel verwerken! Wij maakten vandaag lavendel shortbreadkoekjes. Dit van oorsprong Schotse koekje maak je met met maar drie ingrediënten: suiker, boter en bloem. En in ons geval ook nog met een eetlepel gedroogde lavendelbloemetjes en een snufje zout. Resultaat: heerlijk brosse koekjes met een fijne, kruimelige structuur.


BENODIGDHEDEN

- 385 gram bloem
- 230 gram boter
- 150 gram suiker
- Mespuntje zout
- Eetlepel fijngehakte lavendel (uit de winkel of uit eigen tuin!)


Verwarm de oven voor op 175 graden. Meng in een kom de bloem, suiker en zout door elkaar. Haal vervolgens de roomboter uit de koelkast, snijd deze in kleine blokjes om het sneller te laten mengen.  Kneed / wrijf de boter en het bloem door je vingers zodat je eindigt met een fijn kruimeldeeg. Het is belangrijk dat je dit snel doet en met niet al te warme handen; de boter moet zo koud mogelijk blijven om met een bros koekje te eindigen. Je kan hiervoor ook af en toe je handen met koud water wassen en weer verder gaan met kneden.


Voeg hierna de lavendel toe. Wanneer je lavendel uit eigen tuin gebruikt, raden wij het aan om de bloemetjes even wat fijner te snijden zodat je een betere verdeling aan lavendel hebt. Voeg niet meer dan een eetlepel toe: je wilt niet dat je koekjes naar zeep gaan smaken. Juist de subtiele smaak van lavendel maakt dit koekje zo lekker.


Vervolgens stort je het deeg in een ingevette, vlakke bakvorm (dus met een niet te hoge rand). Druk het kruimelige deeg wat aan met je vingers. Omdat je de koekjes na het bakken pas gaat snijden, is het handig om de koekjes alvast deels uit te snijden met de achterkant van een mes. Wanneer de koekjes uit de oven komen, kan je ze volledig doorsnijden. Walkers is het bekendste koekjesmerk uit Groot Britannië, en maakt haar koekjes altijd in een rechthoekige 'finger' vorm. Ook worden deze koekjes vaak van een motief voorzien door deze voor het bakken met een vork in te prikken. Wij doen dit nu ook zo, maar leef je gerust uit op andere vormen en motiefjes.


Bak de koekjes in het midden van de oven voor 30 tot 35 minuten, tot ze licht gebruind zijn (niet te donker: shortbread is meestal vrij bleek van kleur). Wanneer ze uit de oven komen, de koekjes nog even doorsnijden in de gewenste vorm en laten afkoelen. English tea erbij, en klaar ben je!



zondag 10 augustus 2014

Papa's scones

Nog minder dan een maand, dan is de zomervakantie alweer voorbij. Dit weekend was voor ons een soort mini-vakantie; we bezochten onze vader in Engeland. Het weekend kan niet voorbij gaan zonder een cream tea met papa's scones. Dit recept is te lekker om niet met jullie te delen.


BENODIGDHEDEN

Voor de scones
- 250 gram zelfrijzend bakmeel
- 100 milliliter karnemelk
- 50 gram suiker
- Een snuf zout
- 50 gram roomboter
- 1 ei
- Een handje rozijnen of krenten
- Eventueel een scheutje limoncello om de rozijnen in te wellen

Serveren met bijvoorbeeld
- Clotted cream (slagroom)
- Verschillende soorten jam
- Lemon curd
- Vers fruit
- Een grote pot thee

Verwarm allereerst je oven voor op 200 graden. Hierna kunnen we aan de slag met het deeg. Om hele luchtige en kruimelige scones te krijgen (zoals ze horen), is het het handigst om dit met een keukenmachine te doen. Mocht je deze niet in de buurt hebben kan je het ook met de hand of met een handmixer doen. Kneed het deeg dan alleen niet te lang, en zorg dat het deeg niet te warm wordt door je handen (af en toe met koud water je handen wassen kan ook al helpen).


Om te beginnen voeg je het zelfrijzend bakmeel, het zout en de suiker bij elkaar en meng je het een beetje. Voeg hierna de boter erbij in kleine blokjes. Meng dit beslag tot er een kruimelachtig, vrij onsamenhangend deeg ontstaat. Klop in een bakje het ei los met de karnemelk. Tijdens het mixen voeg je het dit ei-karnemelk mengsel toe. Zodra het deeg een bal gaat/kan vormen, stop je met mixen. Als er nog droge kruimels onderin de mengkom achterblijven, kan je nog wat extra karnemelk toevoegen. Plaats je deeg hierna op een koele plek zodat het wat kan rusten.


Wij maken de scones met rozijnen. Deze wellen we in wat limoncello omdat dit een heerlijk frisse smaak geeft aan je scones. Verwarm hiervoor de limoncello in een klein steelpannetje, haal het van het vuur wanneer dit tegen de kook aan komt en voeg hierna de rozijnen toe. Laat het even staan zodat de rozijnen zo veel mogelijk limoncello op kunnen nemen. Giet het achtergebleven vocht af (of drink het op, wat je wil) en voeg de rozijnen toe aan je deeg.



Rol het deeg uit op een met bloem bestoven werkblad. Rol het niet te lang, hierdoor krijgen de scones een andere structuur. Rol het uit tot een plak van ongeveer 3 centimeter dik. Steek hierna rondjes uit het deeg met een koekstekertje en plaats deze op een met boter ingesmeerde bakplaat. Plaats de scones in het midden van je oven en bak ze af in 12 tot 15 minuten, tot ze goudbruin zijn en flink gerezen.

Serveer je scones met een flinke laag jam, lemon curd of vers fruit, eventueel wat geklopte room en het belangrijkste: een grote pot thee. Enjoy!