Posts tonen met het label zoet. Alle posts tonen
Posts tonen met het label zoet. Alle posts tonen

woensdag 25 maart 2015

Spekkoek

Morris is verslaafd aan spekkoek. Bij elke toko waar we langslopen loopt meneer wel even naar binnen voor een stukje. Hij vindt ook dat een toko geen toko is zonder goede spekkoek. En daar sluiten we ons dan ook volmondig bij aan. Een tijdje geleden kwam hij op het idee om zélf spekkoek te gaan maken. Onze grote vriend Rudolf (ja, die van 24Kitchen) heeft een geniaal recept. En wij gebruikten daarvoor onze eigen speculaaskruiden.


BENODIGDHEDEN
Voor de spekkoek
- Acht eiwitten
- 250 gram poedersuiker
- 250 gram boter
- Tien eidooiers
- 125 gram bloem
-  Een vanillestokje
- Twee eetlepels (zelfgemaakte!) speculaaskruiden
- Theelepel extra kardemom

Voor de speculaaskruiden (een voorraadje!)
- Acht theelepels gemalen kaneel 
- Twee theelepels gemalen kruidnagel 
- Twee theelepels gemalen koriander
- Twee theelepels gemberpoeder
 - Een theelepel gemalen nootmuskaat
 - Een halve theelepel gemalen kardemom
- Een theelepel gemalen foelie


Verwarm allereerst de oven voor op 160 graden. Splits de eieren, en klop de acht eiwitten in een grote kom, samen met één eetlepel poedersuiker, stijf. Wanneer je het mengsel boven je hoofd zou kunnen houden zonder dat het op je hoofd neervalt, is het goed. In een andere kom roer je vervolgens de boter (op kamertemperatuur, in kleine blokjes gesneden) met de rest van de poedersuiker glad. Meng hierna één voor één de eidooiers erdoor en meng het ongeveer tien minuten door. Spatel hierna de bloem door het botermengsel. Halveer het vanillestokje in de lengte, schaap het merg eruit en spatel door het beslag.

Hierna kan je beetje bij beetje het eiwit bij het botermengsel voegen. Doe dit idealiter met een houten spatel of lepel. Hierdoor blijft het merendeel van de lucht in het eiwitbeslag zitten. Wanneer al het eiwit volledig in het beslag is opgenomen en je geen stukjes meer ziet, is het goed. Verdeel het beslag in twee gelijke delen. In het ene bakje komt het donkere beslag, in het andere het lichte. Ondertussen kan je de kruiden en specerijen gaan mengen tot speculaaskruiden. Meng en maal alle bovenstaande specerijen door elkaar, dit moet voldoende zijn voor een paar recepten (voor speculaas, pepernoten, noem maar op). Voeg twee eetlepels toe aan het (soon to be) donkere beslag, en voeg op het eind nog een theelepel gemalen kardemom toe voor die échte spekkoeksmaak.

Vet een springvorm in en bekleed de bodem eventueel met wat bakpapier. Verdeel twee eetlepels van het lichte beslag over de bodem. Zet de springvorm op een rooster in het midden van de oven. Bak eerst voor ongeveer tien minuten, giet de volgende laag van het andere beslag erop, en bak ook deze weer voor tien minuten. Ga zo door tot het beslag op is. Bob's your uncle!

PS: Hoe verleidelijk het ook zal zijn om gelijk de halve spekkoek op te eten wanneer hij net uit de oven is, hij is écht nog lekkerder wanneer je een dagje wacht.





zaterdag 21 maart 2015

Cake met havermout en zwarte bessen

Deze cake met havermout en zwarte bessen is de de ideale traktatie voor visite. Of gewoon lekker aan het eind van de ochtend met een kopje koffie. We kwamen op de markt een bakje met zwarte bessen tegen, en besloten deze eens in een cake te verwerken. Zwarte bessen moet je overigens niet verwarren met blauwe bessen; ze zijn een stuk kleiner, donkerder en zuurder! Een heerlijke combinatie met een zoete cake.


BENODIGDHEDEN

- 175g ongezouten boter, op kamertemperatuur 
- 175g witte basterdsuiker 
- Drie eieren 
- 175g zelfrijzend bakmeel 
- Een snufje zeezout 
- Een vanillestokje / een eetlepel vanillesuiker
- Een volle hand havermoutvlokken
- Een bakje zwarte bessen


Verwarm eerst alvast je oven voor op 180 graden. Klop de roomboter (in kleine blokjes gesneden) en de suiker in een kom. Hoe langer je dit doet, hoe luchtiger je cake wordt. Tien minuutjes is vaak genoeg. Voeg de eieren toe, een voor een, en na elk ei een lepel bakmeel om te voorkomen dat het mengsel gaat schiften. Hierna kan de rest van het meel, driekwart van de havermout (de rest voor decoratie achterhouden), een snufje zout en de vanille(suiker) erbij; meng dit met een spatel door elkaar door het te 'vouwen' in plaats van te roeren. Hierdoor blijft er zo veel mogelijk lucht in het beslag en krijg je een extra luchtige cake. Als het beslag te droog is kan je eventueel een scheutje melk toevoegen. 


Vet een cakeblik in met een beetje boter of olie. Hierna kan het beslag in het blik geschept worden. Gooi na elke schep beslag een paar zwarte bessen in het cakeblik, zo krijg je een mooie verdeling van de besjes wanneer de cake afgebakken is. Decoreer de cake op het laatst met de achtergehouden havervlokken voor een extra rustiek effect. Plaats het cakeblik in een voorverwarmde oven op 180 graden gedurende 50 tot 60 minuten. Twijfel je of de cake gaar is? Prik een sateprikker in de cake, wanneer er nog beslag aan de prikker kleeft, is hij nog niet gaar. Is de prikker schoon wanneer je hem uit de cake haalt? Dan kan de cake uit de oven.

Eet smakelijk!

maandag 29 december 2014

Mince pies

Hoi daar! Groetjes vanuit het (ijs!)koude Engeland! We zijn heerlijk een paar dagen bij onze vader in York, waar we sinterkerstennieuw hebben gevierd. Engeland is prachtig in deze tijd van het jaar: iedereen is in kerststemming, overal op straat staan verlichte kerstbomen, kerstversiering overal. En niet te vergeten; al het kersteten! Roast ham en turkey, jacket potatoes, chutneys en heerlijke zoetigheden zoals Christmas pudding, trifles en mince pies! De laatste willen we graag met je delen. Mince pies zijn kleine taartjes van shortcrustdeeg (knapperig kruimeldeeg) met een heerlijke fruitige vulling van rozijnen, noten en ander gedroogd fruit met winterse kruiden. Het taartje wordt vaak gegeten rond de kersttijd en is een echte Britse klassieker. Mince meat zelf kan je overigens bij speciaalzaken kopen, of bij de filialen van Marcs&Spencer in Amsterdam en Den Haag.


BENODIGDHEDEN
Voor ongeveer 20 mince pies

- 375 gram bloem
- 260 gram roomboter
- 125 gram kristalsuiker
- Een pot mince meat (ongeveer 600 gram)


Verwarm allereerst de oven voor op 180 graden. Snijd hierna de koude roomboter in kleine blokjes. Voeg de boter en bloem in een kom bij elkaar tot het een kruimeldeeg wordt. Voeg hier nu de suiker en het ei bij. Kneed het deeg tot het bij elkaar komt, maar doe dit niet te lang, want dan wordt het deeg minder knapperig. Pak het deeg in in wat aluminiumfolie en plaats het in de koelkast om even op te stijven, voor ongeveer tien minuutjes. Haal na de tien minuten het deeg weer uit de oven. Rol het uit op een met bloem bestoven aanrecht of snijplank. Steek rondjes uit het deeg, groot genoeg om een bakje te vormen. Wij gebruikten hiervoor een drinkglas.


Om de mince pies te maken gebruik je een muffinvorm. Vul de vormpjes met het uitgesneden deeg nadat je deze met wat boter of olie hebt ingevet. Hierna vul je de vormpjes met het mince meat. Je kan de mince meat zelf maken maar het is een stuk makkelijker wanneer je het in een potje koopt. Je hebt in Engeland ontzettend veel soorten, in Nederland wat minder. Je kunt altijd nog je eigen draai aan geven door wat limoen-, citroen-, mandarijnenschil of sap toe te voegen. 

De taartjes hebben meestal een vormpje van deeg bovenop. Vaak is dit een sterretje, wij vonden het wel leuk om wat andere kerstige vormpjes bovenop de taartjes te doen. Je kan de taartjes ook geheel afdekken met deeg, wat je zelf het leukst vindt. Plaats de vorm met de taartjes in het midden van je oven. Na twintig minuten in de oven zullen ze goudbruin van kleur zijn, en kunnen ze uit de oven. En klaar ben je! Geniet van de laatste dagen van 2014, en tot volgend jaar!

woensdag 24 december 2014

Kerstkoekjes

Het is bijna kerst! Vandaag hebben we een heerlijk recept voor Linzerkoekjes voor je, een van de bekendste en meest traditionele kerstkoekjes van Oostenrijk. Je ziet deze koekjes vaak in verschillende vormen: soms zijn het twee koekjes op elkaar met jam en vanillecrème ertussen, soms zit er alleen jam tussen, en soms zijn ze zoals wij ze vandaag maken, namelijk een éénlaags met jam in de uitsparing. Naast het feit dat ze er lekker kerstig uitzien, smaken ze ook nog eens hartstikke lekker. Je zou ze eigenlijk alleen al moeten bakken omdat je huis er zo lekker van gaat ruiken.



BENODIGDHEDEN
Voor de koekjes:
- 225 gram boter
- 140 gram suiker
- 1 ei
- 2 theelepels vanille extract/pasta
- 280 gram bloem
- Zout

Voor de vulling:
- Kneepje citroensap
- Rode vruchtenjam (wij gebruikten kersenjam, maar alle soorten zijn in principe bruikbaar)


Verwarm allereerst je oven voor op 180 graden. Zorg ervoor dat de oven niet op de heteluchtstand staat. Pak vervolgens een grote kom, voeg hier de bloem, suiker en een mespuntje zout in en mix ze door elkaar. Snijd de koude roomboter in blokjes. Kneed de boter door het droge bloemsuikerzout-mengsel, dit kan je gewoon met je handen doen. Als dit de consistentie van kruimels krijgt, voeg je er het ei bij, tot het een soepel, samenhangend deeg vormt. Laat het deeg nu even rusten in de koelkast voor ongeveer twintig minuten. Hierdoor krijg je brossere koekjes die beter hun vorm behouden.


Ondertussen kan je de jam door een zeefje halen zodat alle pitjes en vruchtjes eruit zijn. Leng de gezeefde jam een beetje aan met wat citroensap, zodat hij makkelijker schenkt. Haal nu het deeg uit de koelkast en rol het deeg uit tot ongeveer een centimeter dikte. Steek je vormpje uit en maak een gat in het midden van het koekje, dit kan met een mes, of met een ander met een kleiner vormpje, zoals wij hebben gedaan. 


Beleg een bakplaat met wat bakpapier, en leg hier de koekjes op. Vul de uitsparingen in de koekjes met wat jam. Bak de koekjes nu in ongeveer twintig minuutjes (tot ze goudbruin zijn), en je koekjes zijn klaar! Stop de koekjes in een leuk mandje/bakje/schaaltje en geef ze eens in plaats van een kerststukje of een bos bloemen wanneer je bij familie of vrienden kerst gaat vieren. Je kan ze natuurlijk ook gewoon zelf opeten, wij geven je groot gelijk.



zaterdag 13 december 2014

Earl Grey tea cake

We gaan weer eens op de Britse tour, en maken deze keer een heerlijke cake met Earl Grey thee erdoor. Weer eens wat anders dan een gewone roombotercake. We probeerden deze keer eens een wat minder obesitaskwekend recept: in plaats van (veel) boter gebruiken we deels crème fraiche. Dit zorgt voor een lichte, frisse cake. Echt het proberen waard! 


BENODIGDHEDEN

- Twee zakjes Earl Grey thee
- 250 gram kristalsuiker
- Vier eieren
- 200 gram bloem
- Schil van een sinaasappel
- 1 theelepel bakpoeder
- 150 gram creme fraiche
- 50 gram boter
- Snufje zout

Begin met het tot poeder malen van de theeblaadjes uit het theezakje. Doe dit met een vijzel, en maal de blaadjes tot ze helemaal fijn zijn. Thee uit een theezakje is vaak al relatief fijn, losse bladthee is vaak grover van structuur.

Meng de boter met de suiker en de creme fraiche tot een luchtig mengsel. Voeg hierna een voor een de eieren toe. Mix tot er een glad mengsel ontstaat en alle ingrediënten met elkaar vermengd zijn. Rasp de schil van de (afgewassen en geboende) sinaasappel en voeg deze samen met het bakpoeder, de bloem en een snufje zout toe aan het boter-suiker-eimengsel. Voeg op het laatst de thee toe. Er ontstaat nu een soort stracciatellakleurig mengsel.

 

Verwarm de oven voor op 180 graden. Vet een cakeblik in en giet hier het cakemengsel in. Het zal opvallen dat het beslag wat dunner is dan normaal cakebeslag, dit komt omdat er veel minder boter in zit dan gebruikelijk. Bak de cake in ongeveer 45 tot 60 minuten af. De cake is klaar wanneer hij goudbruin is en een satéprikker er schoon uit komt. Serveer de cake met wat opgeklopte room, wat jam en een grote kop thee. 

Of gewoon zonder alle poespas, dat kan natuurlijk ook.


zaterdag 6 december 2014

Appeltaart met gezouten karamel

Plots kwamen we er achter dat we nog een absolute klassieker mistten op Toetjes als Ontbijt: de appeltaart. Na wat experimenteren met deze oerhollandse taart kwamen we op het volgende recept. Oké, het was niet heel moeilijk: gezouten karamel is onze beste vriend. Door het besmeren van de taartbodem (en een beetje bovenop voor de extra indulgence) met een royale hoeveelheid karamel en zeezoutvlokken krijg je net even een andere taart dan de gebruikelijke appeltaart. Mjam.


BENODIGDHEDEN
- 1 ei
- 1 Vanillestokje / zakje vanillesuiker
- 400 gram zelfrijzend bakmeel
- 250 g witte basterdsuiker
- Mespuntje zout
- 250 g koude boter
- 5 goudreinetten (of andere appels, naar eigen smaak)
- Schil van een citroen
- Blikje gecondenseerde melk
- Grof gemalen zeezout


We beginnen met de langste klus: het koken van het blikje gecondenseerde melk. Wij hebben de blikjes met karamel standaard in ons keukenkastje staan voor noodgevallen, maar wanneer je dit niet hebt moet je het blikje melk nog koken. Breng een pan vol water aan de kook en leg het blikje gecondenseerde melk in het water. Zorg dat het blikje helemaal onder water komt te staan, anders kan hij ontploffen en vliegt de karamel door de keuken. Het koken duurt ongeveer drie tot vier uur. Als je het blikje vervolgens (na wat afkoelen) openmaakt, is het lichtbruine karamel geworden. 


Voeg hier een gewenste hoeveelheid grof zeezout aan toe en laat nog even op het aanrecht staan tot we het gaan gebruiken voor de taart. Splits het ei en rasp de schil van de citroen met een fijne rasp. Voeg het bakmeel, 200 gram suiker en het mespuntje zout in een kom. Snijd de boter in hele kleine blokjes en meng en kneed deze door de suiker totdat een kruimelig deeg ontstaat. Voeg het eiwit en de helft van de citroenrasp toe. Bewaar het eigeel trouwens maar, dit kan je gebruiken om de taart mee te bestrijken voordat hij de oven in gaat. Kneed met koele handen snel tot een deegbal. Druk plat, verpak het in vershoudfolie en leg het voor een uurtje in de koelkast.

Verwarm de oven voor op 170 graden. Vet een grote springvorm in met boter en een laagje bloem. Bestuif het werkblad (of een snijplank voor minder geklieder), de deegroller en de deegbal met bakmeel en rol tweederde van het taartdeeg uit tot een plak van een centimeter dik. Hiermee ga je de bodem en dan de randen van de vorm bekleden. Tip: steek eerst met de springvorm een cirkel uit het deeg en leg die op de bodem van de vorm. Bekleed vervolgens de randen met het restant van het uitgerolde deeg.

Wanneer de springvorm is bekleed met het deeg, kan je de appels gaan snijden. Wij willen een netjes-uitziende taart vandaag, dus we snijden dunne plakjes van de appels met een mandoline (a.k.a. de vingertopjeskiller). Je kan de appel ook in blokjes snijden, natuurlijk. Vervolgens kan je de appelstukjes/plakjes/blokjes op smaak brengen met een theelepel kaneel, de andere helft van de citroenrasp en een eetlepel suiker. Mix goed door elkaar.


Plaats nu de stukjes appel op de door jou gewenste manier in de springvorm. Wij kiezen ervoor om de appel in een soort 'bloemvorm' in de vorm te leggen. Halverwege de vulling (wanneer je dus nog de helft van je appelstukjes overhebt) smeer je de laag appels royaal in met de gezouten karamel. Hierna plaats je de rest van de stukjes in de taartvorm. 


Op het laatst giet, schenk of smeer je de rest van de karamel op de appel. De randjes van het deeg kan je een stukje over de vulling heen vouwen, om te voorkomen dat de karamel straks buiten zijn 'oevers' treedt. ;-) Bestrijk de bovenkant van de taart met eigeel zodat het deeg mooi gaat glanzen. Bak de appel-karameltaart af in het midden van de oven voor ongeveer 45 minuten tot een uur.

Wanneer het deeg goudbruin is, is de taart klaar!


vrijdag 28 november 2014

Chocolade-espressotaart uit Delicious - Hét bakboek

Ooit deed ik voor de grap eens mee met een mail&win wedstrijd uit het Delicious magazine. Geen idee precies waarom. Letterlijk maanden later plofte dit boek, Delicious. Hét bakboek, op de deurmat. Aangezien ik nooit iets win (eerlijkheid gebied te zeggen dat ik ook verder nooit meedoe aan winacties dus dan is dat ook wel logisch), was dit een aangename verrassing. Het is namelijk nog een best lekker bakboek! Van alle 132 bakrecepten besloten we om vandaag de mokkataart (gekke naam, die hebben we wel even veranderd) te maken. Want zeg nou zelf, koffie en chocolade in één taart klinkt toch wel echt als de hemel.


BENODIGDHEDEN

Voor het deeg
- 250 gram bloem 
- 100 gram koude boter, in kleine stukjes 
- 1 theelepel fijne kristalsuiker 
- Snufje zout 
- 0,4 dl koud water 

Voor de chocolade-espressovulling
- 200 gram pure chocolade 
- 300 ml volle melk 
- 100 ml extra sterke espresso 
- Vier eieren 
- 2 eetlepels cacaopoeder 
- 2 eetlepels maïzena 
- 75 gram fijne suiker 


We beginnen met het maken van het deeg voor de bodem van de taart. Voeg de bloem, boter, zout en suiker in een mengkom, en mix alles door elkaar. Voeg hierna voorzichtig het koude water bij het mengsel, en blijf mixen tot er een kruimelig mengsel ontstaat. Mix niet te lang, wanneer het een samenhangend deeg is, is het goed. Rol het deeg in plasticfolie en leg het voor twintig minuten in de koelkast.


Verwarm de oven voor op 180 graden. Vet een springvorm met een doorsnede van ongeveer 28 cm in met een beetje boter en eventueel daar overheen een laagje bloem. Rol het deeg op een met bloem bestoven werkvlak uit. Bekleed de ingevette bakvorm met het deeg en druk het daarbij zorgvuldig in de hoekjes. Prik met een vork gaatjes in het deeg. Om een natte bodem (oh my god, soggy bottom!) te voorkomen, is het het beste om de bodem eerst 'blind' te bakken. Hiervoor gebruik je blindbakbonen (te koop bij de betere kookwinkel) of, zoals wij het doen, met een zak ongekookte kikkererwten. Werkt net zo goed, en dit is bovendien een stuk goedkoper. Plaats een stuk bakpapier over de bakvorm, en leg de bonen hier bovenop. Bak de bodem vervolgens 15 minuten op 180 graden. Haal de bakbonen eruit en bak nog vijf minuten af, zodat hij knapperig kan worden. Daarna moet je de bodem even af laten koelen in de vorm.



Zet de oven op 160 graden. Nu kan je de vulling van de taart gaan maken. Zet een goed sterke bak koffie, zodat je er straks 100 milliliter van door de vulling kan doen. De rest kan je lekker zelf opdrinken. Smelt de chocolade au-bain-marie, en voeg de espresso hier aan toe. Roer in het mengsel tot de espresso en de chocolade met elkaar vermengd zijn. Klop in een aparte kom de eieren, het cacao en de maizena door elkaar. Klop hier het warme chocolademengsel (voorzichtig!) door. Begin met een kleine lepel van het chocolademengsel om het 'familie te maken'. Hierna kan de rest erbij. Schenk het mengsel in de afgekoelde taartbodem, en bak de taart af voor ongeveer een half uur, tot de vulling gestold is (en een beetje wiebelig wanneer je hem zachtjes heen en weer schudt). Laat de taart afkoelen en bestrooi hem royaal met cacaopoeder. Wij vonden het leuk om er nog wat koffieboontjes op te leggen. Maar dit hoeft natuurlijk niet. Eet smakelijk!

vrijdag 21 november 2014

Madeleines

Deze week wijden we een blogje aan een absolute Franse klassieker. En denk je aan de madeleine, dan denk je aan legendarisch schrijver Marcel Proust. De geur van een madeleine opende voor hem een wereld aan herinneringen. Marcel Proust beschreef in zijn boek A la recherche du temps perdu hoe hij een madeleine doopte in een kopje thee. De zoete geur die de thee daardoor kreeg, herinnerde hem aan een ver verleden. Hij omschreef zijn meest geliefde cakeje als volgt:

"It’s light, spongey and not much bigger than a walnut, yet it’s imbued with the potential to evoke powerful memories of things past. It’s the humble madeleine."

Met dit recept heb je binnen een handomdraai (ongeveer) 24 heerlijke madeleines. Je hebt alleen wel een madeleinevorm nodig, maar die zijn tegenwoordig goed te verkrijgen bij de betere kookwinkel.


BENODIGDHEDEN

- 200 gram boter
- Vier eieren
- 180 gram bloem
- 150 gram suiker
- 20 gram bruine basterdsuiker
- 20 gram honing
- 5 gram bakpoeder
- Disaronno (of een andere amandellikeur)
- Vanille extract
- Snufje zout

Verwarm eerst alvast je oven voor op 200 graden. Smelt vervolgens de boter in een pannetje op laag vuur, en voeg hier de vanille aan toe. Laat de boter licht bruinen onder af en toe roeren. Hierdoor creëer je een beurre noisette. De Franse term betekent letterlijk 'hazelnootboter'. Er worden echter geen noten gebruikt: de naam slaat op de nootachtige smaakt die boter krijgt wanneer het bruin kleurt. Hierdoor krijgt het een rijkere smaak. Verdeel de boter in kleine blokjes wanneer je ze in de pan legt. Op een gegeven moment zal je zien dat er schuim en belletjes ontstaan op de boter: nu verdampt het water in de boter en scheiden de eiwitten zich van het vet. De boter zal nu snel verkleuren. Wanneer de boter bruin is haal je het van het vuur en laat het afkoelen.



Meng in een kom de suiker, basterdsuiker, eieren en honing, en klop dit tot het luchtiger is. Spatel vervolgens de bloem, het bakpoeder en een mespuntje zout door het eimengsel. Als dit vermengd is, voeg je de afgekoelde, gesmolten boter door het mengsel. Voeg hierna een scheutje Disaronno toe aan het beslag. Voeg dit toe naar eigen smaak; je kan tussendoor het beslag even proeven. Laat het beslag nu even rusten in de koelkast, voor ongeveer twintig minuten. Vet je madeleinevorm in en bestuif het daarna met bloem. Vul de vormpjes met het deeg en zet ze voor tien minuten tot een kwartier in de oven, tot ze goudbruin zijn. Laat de cakejes even afkoelen voordat je ze uit de vorm haalt.

(Sorry not sorry voor dit slechte plaatje.)

zondag 16 november 2014

Pepernoten (oke, stiekem toch kruidnoten)

Sinterklaas is weer in het land! En ook al liggen de pepernoten tegenwoordig het hele jaar door in de supermarkt, de échte trek in sinterklaassnoepgoed is nu voor de meesten officieel begonnen. We hebben de afgelopen jaren vaker geprobeerd om zelf pepernoten te maken, maar ze werden nooit zo lekker als die van de bakker, of die van het betere supermarktmerk. We denken zelf dat het aan het kant-en-klare speculaaskruidenmengsel ligt. Deze bevatten vaak veel zout, veel E-nummers en weinig verschillende kruiden. We maken vandaag dan ook pepernoten met zelfgemaakte speculaaskruiden. Véél lekkerder. Laat die feestdagen maar beginnen!


BENODIGDHEDEN
Voor de speculaaskruiden (een voorraadje!)
- 8 theelepels gemalen kaneel 
- 2 theelepels gemalen kruidnagel 
- 2 theelepels gemalen koriander
- 2 theelepels gemberpoeder
 - 1 theelepels gemalen nootmuskaat
 - ½ theelepel gemalen kardemom
- 1 theelepel gemalen foelie

Voor de pepernoten
- 250 gram zelfrijzend bakmeel
- 125 gram licht- of donkerbruine basterdsuiker
- 100 gram koude roomboter
- 4 eetlepels melk
- 6 theelepels speculaaskruiden
- Snufje zout


Verwarm eerst alvast je oven voor op 175 graden. Hierna maken we de speculaaskruiden. Maal de foelie fijn met een vijzel. Meng alle losse kruiden in een kommetje door elkaar. Ruik tijdens het mengen goed; je kan naar eigen smaak wat afwijken van de voorgeschreven verhoudingen, wanneer je bijvoorbeeld minder van kardemom houdt. Wij vonden de bovenstaande verhoudingen perfect, maar over smaak valt natuurlijk te twisten. Van dit recept voor speculaaskruiden kan je meerdere keren pepernoten (of speculaasjes) bakken. Je kan het kruidenmengsel in een luchtdicht (weck)potje nog maandenlang bewaren.


Meng vervolgens alle droge ingrediënten in een kom door elkaar, en voeg hierna de blokjes (koude!) boter toe. Probeer het deeg zo koud mogelijk te houden, hier worden je pepernootjes brosser en krokanter door. Meng de boter met een vork alvast zo veel mogelijk door de rest van de ingrediënten, en meng later verder met je handen. Voeg af en toe wat eetlepels melk toe om het deeg tot een samenhangende substantie te krijgen. Zorg er wel voor dat het deeg niet te nat wordt. Wanneer het deeg goed aanvoelt, kan je de pepernootjes gaan vormen. Rol ze tussen je handen en druk ze een klein beetje plat op de bakplaat. Bak de pepernootjes af voor ongeveer 20 tot 25 minuten in het midden van de oven. De pepernoten zijn klaar wanneer ze lichtjes gebruind zijn aan de onderkant (even snel eentje omdraaien voordat je ze uit de oven haalt dus!).




vrijdag 31 oktober 2014

Pumpkin spice koekjes

Oké, die regen- en hoosbuien zijn iets minder fijn, maar wij vinden de herfst echt een heerlijke tijd van het jaar. De bladeren vallen van de bomen (oké, ook wel eens op het spoor waardoor we uren vertraging hebben...), de kaarsjes kunnen weer aan, de potten thee worden weer gevuld en de sloffen kunnen weer om de voeten. En we kunnen de keuken weer in om allerlei herfstige gerechten te maken. We kregen enige tijd geleden van familie een aantal pompoenen en eigen tuin, en naast een volle pan soep wilden we er ook graag wat zoets mee maken. Pumpkin spice koekjes it is!


BENODIGDHEDEN

125 gram boter 
195 gram kristalsuiker
Een ei
250 gram bloem
Twee theelepels bakpoeder
Vanille (-essence, -stokje of -suiker) 
75 gram havermoutvlokken
Twee eetlepels speculaaskruiden
Handje gedroogde cranberries
150 gram geraspte pompoen

Verwarm allereerst alvast je oven voor op 200 graden. Snijd vervolgens de pompoen door midden, verwijder de pitten en de schil, en rasp hem tot je ongeveer 150 gram hebt. Pak vervolgens een kom, en roer hierin de boter (laat deze eerst even op kamertemperatuur komen zodat hij makkelijker te mengen is), suiker en vanille door. Wanneer dit een romig mengsel is, voeg je het ei, de bloem, het bakpoeder en de speculaaskruiden toe. Roer dit tot een samenhangend deeg. Voeg als laatst de havermoutvlokken (houd een klein beetje apart ter garnering), de pompoenrasp en de cranberries toe.



Vorm vervolgens (met behulp van bijvoorbeeld een ijsschep) gelijke bolletjes deeg op een ingevette bakplaat. Druk de bolletjes deeg een beetje plat en garneer ze eventueel nog met wat havervlokken. Zorg dat er genoeg ruimte tussen de bolletjes deeg zit, omdat de koekjes aardig uitlopen wanneer ze afgebakken zijn. Plaats nu de bakplaat met de soon-to-be koekjes nog even in de koelkast. Wanneer het deeg koud de oven in gaat, worden je koekjes uiteindelijk veel knapperiger!


Plaats de plaat in het midden van je voorverwarmde oven, en bak ze voor ongeveer twintig minuten tot ze goudbruin zijn. En klaar ben je; samen met een pot thee, een warm kleedje en een goede film moeten dit de perfecte ingrediënten voor een herfstavond zijn!







maandag 13 oktober 2014

Driedubbele pavlova met rood fruit

Vandaag is een felicitatie aan alle toetjesliefhebbers wel op z'n plaats: het is namelijk National Dessert Day! Alle zoete-dingen-na-(en voor, en tussen)-de-maaltijd zijn vandaag meer dan geoorloofd! Om deze prachtige, heugdelijke dag te vieren, maken we vandaag voor jullie een driedubbel gelaagde pavlova met rood fruit. Pavlova komt van oorsprong uit Australië, maar het schijnt dat het zoete dessert is vernoemd naar een Russische ballerina, Anna Pavlova. Dit is verder niet erg relevant, het is voornamelijk gewoon ontzettend lekker. En het oogt nog best gezond ook, met al dat fruit.


BENODIGDHEDEN
- 6 eiwitten
- 300 gram suiker
- Snufje zout
- 125 milliliter slagroom (+ een eetlepel suiker om deze te zoeten)
- Een bakje frambozen, blauwe bessen, bramen, aardbeien etc.

Voor je begint met het stijf kloppen van de eiwitten is het het handigst om de binnenkant van de mengkom met een stukje keukenrol, gedrenkt in citroensap of azijn, af te nemen. Dit doe je om de kom vetvrij te maken. Vet zorgt er namelijk voor dat het eiwit niet stijf wordt, en dan is je pavlova ver te zoeken. Verwarm hierna de oven alvast voor op 100 graden.


Scheid de eiwitten van de het eigeel. Doe dit heel voorzichtig, of splits de eieren één voor één in een apart kommetje zodat je, wanneer het fout gaat, niet gelijk al je eieren weg kan gooien. Een beetje eigeel bij het wit kan er al voor zorgen dat je eiwitten niet stijf geklopt kunnen worden. Voeg een klein snufje zout bij de eiwitten voordat je ze gaat mixen.

Klop de eiwitten nu stijf met een handmixer, tot je de bak kan omdraaien, boven je hoofd kan houden, en het niet uit de kom (en op je hoofd) valt. Voeg vervolgens in drie delen de suiker bij de eiwitten. Als je als in één keer in de kom doet, heb je kans dat het eiwit inzakt. Mix nu gestaag door tot de suiker is opgelost in het eiwit. Dit kan je het beste testen door wat van het mengsel tussen je vingers te wrijven. Als je geen suikerkorrels meer voelt ben je klaar!


Teken (als je heel netjes en precies wilt zijn) een cirkel op je bakpapier. Wij hebben een springvorm met een doorsnede van 20 cm gepakt en omgetrokken met een pen. Draai wel even je bakpapier om, anders krijg je een potloodlijntje op je pavlova. Wij hebben er voor gekozen om drie lagen pavlova te maken, maar je kan ook één grote maken, of twee middelmaatjes.


Bak nu je pavlova's af voor 3 uur of tot de onderkant van de merengue (het gebakken eiwit) hard is en je er op kan tikken en het hol klinkt. Laat de ronde schuimtaarten afkoelen. Ondertussen kan je de slagroom gaan kloppen. Dit gaat samen met het fruit tussen de schuimtaartlagen in. Om het wat zoeter te maken voeg je een eetlepel suiker toe aan de slagroom voordat je gaat mixen. Prak ook een handjevol rood fruit (ik nam deze keer alleen frambozen) met een vork fijn en voeg dit tijdens het mixen toe aan de slagroom. Ik had er ook nog wat merg van een vanillestokje doorheen gedaan, maar dit is allemaal geheel naar eigen smaak te doen. Wanneer de slagroom de gewenste consistentie (= niet tot boter geslagen maar ook niet vloeibaar meer) heeft, is hij klaar. 

Tijd om de taart in elkaar te gaan zetten! Het is heel simpel: eerst een laag schuimgebak, dan een flinke klodder slagroom, een handje vol rood fruit erop, dan weer een laag schuimgebak - and so on. Garneer met de rest van het rode fruit en een genereuze hoeveelheid honing. Een gegarandeerd succes!





zondag 28 september 2014

Hemelse modder van Morris

Oké, de naam van dit dessert doet je niet gelijk watertanden. Toen Morris dit de eerste keer voor me maakte, was ik gelijk verkocht. Geef me dit elke dag!





BENODIGDHEDEN 
(voor 4 tot 6 personen)

- Drie eieren
- 150 gram melkchocolade
- 150 gram pure chocolade
- Twee eetlepels suiker
- 500 ml slagroom





Om te beginnen, zetten we een pannetje water op het gas, welke zal fungeren als au-bain-marie. Plaats er een schaaltje of kleiner pannetje bovenop en smelt hierin de chocolade. We hebben verschillende verhoudingen geprobeerd trouwens, maar half-om-half met pure en melkchocolade is toch echt het lekkerst.


Zet de chocolade hierna even apart, of zet het vuur uit en laat de chocolade nog even op de au-bain-marie staan. Ondertussen scheid je de eieren. Doe dit heel secuur: er mag geen eigeel in het eiwit terecht komen. Wanneer dit wel gebeurt, krijg je de eiwitten niet meer stijf geklopt. Dit is namelijk wat we hierna gaan doen: met een handmixer of keukenmachine de eiwitten met de suiker opkloppen tot ze stijf zijn en je de mengkom letterlijk boven je hoofd kan houden zonder dat je hele hoofd onder de smurrie zit!


Laat de eiwitten even apart staan, en klop nu met de handmixer het eigeel op tot deze lichter en schuimig zijn. Doe dit in een aparte kom. Pak nu (wederom, sorry) een nieuwe mengkom en klop hierin de slagroom stijf. Het hoeft niet opgeklopt te worden tot boter, gewoon romig is voldoende.



Hierna gaan we de hemelse modder samenstellen: meng de chocolade beetje voor beetje bij het eigeel. Doe dit met een spatel zodat de meeste lucht in het mengsel achterblijft. Doe dit rustig, omdat de chocolade warm is en het eigeel koud. Je voelt hem aankomen; dat gaat snel schiften, en dat willen we voorkomen. Wanneer dit proces goed verlopen is, meng je met de spatel wederom beetje bij beetje het opgeklopte eiwit bij het chocolademengsel tot het geheel is opgenomen en je geen stukjes eiwit meer ziet. Als het eiwit erbij zit, kan je de slagroom toevoegen. Wederom niet roeren maar scheppen, zodat het een luchtige mousse wordt. 

Je kan de mousse serveren in de kom of in een schaal, maar je kan het ook in glazen of bakjes gieten en laten opstijven. Dit duurt ongeveer vier uur, maar dan heb je ook wel écht een heel lekker toetje!