Posts tonen met het label Italiaans. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Italiaans. Alle posts tonen

zondag 21 september 2014

Risotto met venkel en citroen

Telkens als ik over de Albert Cuypmarkt slenter en bij mijn favoriete groente/fruitkraam aankom, staar ik naar de krat met venkels. Een prachtig stuk groente, maar wat kan je er mee? Vandaag maak ik een risotto met venkel en citroen. Even een hartig recept tussen alle zoetigheid door.



BENODIGDHEDEN (voor 2 personen)

- 140 gram risottorijst (arborio / carnaroli)
- Een venkelknol (of een halve wanneer het een grote is)
- Een witte ui, fijngehakt
- 2 tenen knoflook
- Een flinke scheut witte wijn
- 600 milliliter groentebouillon
- De schil van 1 citroen
- Geraspte Parmezaanse kaas
- Eetlepel creme fraiche
- Fijngehakt venkelloof
- Theelepel gedroogde / verse tijm
- Peper, zout

Snijd het loof (de zachte groene takjes) van de venkelknol en houd dit apart voor later. Hak de knol door midden en snijd in blokjes of in julienne (reepjes). Snijd ook de ui en de knoflook fijn.

Verhit een flinke scheut olijfolie in een pan. Bak de venkel, de knoflook en de ui ongeveer vijf minuten al omscheppend. Zet het vuur niet te hoog; de risotto blijft zachter van smaak wanneer je de ui, de knoflook en de venkel zacht aanfruit in plaats van bakt en kleurt. Voeg hierna de risottorijst toe. Roer de rijst goed door de ui en de venkel, en zorg dat elke korrel met olijfolie 'gecoat' is. Bak de rijst voor ongeveer twee minuten mee. Giet hierna een scheut witte wijn over de rijst, en wacht tot de wijn volledig verdampt is. (Schenk trouwens gelijk maar een glas voor jezelf in, een kookwijntje is hier best wel op z'n plaats..)




Breng intussen 600 milliliter water aan de kook en los het bouillonblokje hierin op (verse, eigengemaakte bouillon zou nog lekkerder zijn, maar dat heb je nou eenmaal niet altijd in huis). Giet de bouillon bij de rijst tot deze net onder water staat. Laat de rijst onder af en toe roeren zacht koken tot de bouillon bijna verdampt is. Giet er vervolgens steeds scheutjes bouillon bij en kook de rijst net zolang tot hij beetgaar (al dente) is. Dit duurt meestal rond de 25 minuten, maar dit kan verschillen per rijstsoort. Wanneer je niet genoeg bouillon hebt, kan je ook wat extra water toevoegen.

Wanneer de risotto lekker aan het pruttelen is, kan je de schil van de citroen alvast raspen. Doe dit met een fijne rasp; grove stukken citroenschil zijn alles behalve lekker. Snijd ook het loof van de venkel fijn en voeg dit toe aan de risotto. Wanneer de risottorijst al dente is, voeg je een hand geraspte Parmezaanse kaas en een klein lepeltje crème fraiche toe. Dit maakt de risotto smeuïg en romig. Creme fraiche geeft de risotto extra frisheid naast de citroen. Voeg peper en zout toe naar smaak, en klaar is Kees!



Serveer je risotto in een diep bord en maak het af met wat fijngehakt venkelloof, een scheutje olijfolie en eventueel wat geraspte Parmezaanse kaas. Smullen!

PS: Voor de vlees/visliefhebbers; je kan dit gerecht afmaken met wat stukken gegrilde kip- of kalkoenfilet of een stukje witvis. Maar op een Meatfree Monday (of Tuesday, Wednesday etc.) biedt deze vega-variant een heerlijk alternatief.






donderdag 19 december 2013

Panettone

Wanneer je het gelukt hebt dat iemand je uitnodigt voor een kerstdiner - en je dus niet zelf hoeft te stressen in de keuken, is het altijd leuk om iets mee te nemen als bedankje. En om nou weer met een flesje wijn of een bos bloemen aan te komen... Waarom doe je het dit jaar niet zoals de Italianen het al sinds jaar en dag doen: met een panettone. 

Een panettone is een kerstbrood vol rozijnen, veel drank (altijd belangrijk) en citrusfruit. Het heeft een luchtige structuur en een zoete smaak, waardoor het eigenlijk meer weg heeft van cake. Het smaakt heerlijk bij een kop koffie bij het ontbijt, of met een glaasje limoncello/pedro ximenez sherry/andere alcoholische versnapering als kerstdessert. Super veelzijdig dus!



Even een kort geschiedenislesje: 
De panettone komt van oorsprong uit Milaan en ontstond in de 15e eeuw. Daar stond dit brood voor het eerst op tafel bij Ludovico Sforza de Moor. In 1495 nodigde Ludovico met kerst een aantal gasten uit voor een banket op zijn kasteel. Met het banket vierde Ludovico het besluit van keizer Massimiliano, waarin de keizer hertog Ludovico nieuwe macht toekende. Als dessert serveerde chef Antonio Toni zijn 'panis quidam acinis uvae confectus' (rozijnenbrood). Deze creatie viel bij de zo goed in de smaak bij de hertog dat hij Toni verzocht het recept aan alle bakkers in Milaan te verlenen. Het nieuwe brood droeg de naam van de maker: 'pane di Toni', dat vandaag de dag beter bekend is als panettone.


BENODIGDHEDEN:
- Een eetlepel gist
- 225 ml handwarm water
- Vier eetlepels suiker
- Twee eieren
- 125 ml magere yoghurt
- Een vanillestokje (of vanillesuiker)
- Een kaneelstokje
- Kaneelpoeder en nootmuskaat
- Een handvol rozijnen
- Schil van 1 citroen en 1 sinaasappel
- Een flinke scheut Marsala wijn (te koop bij de slijter)
- Een snufje zout
- 450 gr bloem

Goed, dit is een hele waslijst aan ingrediënten maar geloof me op m'n woord als ik zeg dat het echt simpel is om te maken. Begin met het weken van de rozijnen en de citrusschillen: zet een pannetje op het vuur en verwarm hierin de Marsala, een kaneelstokje, en eventueel een schep suiker om het zoeter te maken. Was de citroen en de sinaasappel en wrijf de schil mooi op. Haal met een dunschiller de schil van de vruchten af (let wel op dat je het witte gedeelte niet mee raspt, dit is erg bitter). Kook de schillen in de Marsala voor een minuut. Hierna kan de pan van het vuur, en kunnen de rozijnen er bij. Laat dit een uur staan zodat de Marsala goed in de rozijnen kan trekken.


Mix in een grote kom de gist met het warme water en de vier scheppen suiker. Dek dit af met een doek of folie en laat het tien minuten staan. Hierna kunnen de eieren, de yoghurt, de vanille (of vanillesuiker) en een snufje zout toegevoegd worden. Weeg de bloem af, en zeef het om klontjes te voorkomen. Hierna kan je het beetje bij beetje bij het gistmengsel voegen, en goed mixen. Voeg eventueel naar behoefte meer bloem toe dan in het recept staat, tot er een zacht en kneedbaar deeg ontstaat. Dek het deeg af met een theedoek en laat het een uur rijzen op een warme plek (naast/op de verwarming bijvoorbeeld).


Kan je ondertussen mooi gaan knutselen. Niet schrikken: dit hoeft niet per se, maar wanneer je het brood cadeau doet is dit wel een hele leuke manier om het te presenteren. En zo moeilijk is het niet. Je pakt een stuk bakpapier en knipt dit op ongeveer 2 centimeter hoger dan de rand van de bakvorm. Mocht je bakpapier korter zijn dan de bakvorm dan kan je twee stroken knippen en deze met nietjes aan elkaar vast maken. Knip eventueel een leuk randje aan het bakpapier. Golfjes, karteltjes, net wat je zelf leuk vindt. Vet hierna de ovenschaal in met olijfolie en 'plak' de strook bakpapier er tegenaan tot deze goed blijft zitten. Vergeet ook de bodem niet extra goed in te vetten zodat je brood niet vast komt te zitten. Bestrooi eventueel ook nog met bloem na het invetten om extra zeker te zijn.
Laat nu de rozijnen uitlekken in een vergiet en vis de citrusschilletjes er uit. De schillen heel fijn snijden en bij de uitgelekte rozijnen voegen. Voeg hier ook naar smaak nog wat kaneelpoeder en wat nootmuskaat bij. Ondertussen kan het rozijnmengsel bij het deeg gevoegd worden. Mix het deeg nog even, voor een minuut of 10. Hierna kan je het in de ingevette bakvorm gieten en het nogmaals met een theedoek afdekken en nog een half uurtje laten rijzen (het deeg kan over de rand van de vorm heen rijzen).



Het duurt even, maar dan heb je ook wat. Schenk ondertussen maar een glaasje Marsala voor jezelf in, en verwarm de oven voor op 170 graden. Na het half uur rijzen kan het brood de oven in, voor ongeveer een uur. Na een half uur bakken kan je het brood voor de mooiigheid nog bestrijken met een ei en bestrooien met suiker. Het brood is klaar wanneer het een goudbruine kleur heeft en een vleespen schoon uit het midden verwijderd kan worden.

Buon appetito!