zaterdag 6 december 2014

Appeltaart met gezouten karamel

Plots kwamen we er achter dat we nog een absolute klassieker mistten op Toetjes als Ontbijt: de appeltaart. Na wat experimenteren met deze oerhollandse taart kwamen we op het volgende recept. Oké, het was niet heel moeilijk: gezouten karamel is onze beste vriend. Door het besmeren van de taartbodem (en een beetje bovenop voor de extra indulgence) met een royale hoeveelheid karamel en zeezoutvlokken krijg je net even een andere taart dan de gebruikelijke appeltaart. Mjam.


BENODIGDHEDEN
- 1 ei
- 1 Vanillestokje / zakje vanillesuiker
- 400 gram zelfrijzend bakmeel
- 250 g witte basterdsuiker
- Mespuntje zout
- 250 g koude boter
- 5 goudreinetten (of andere appels, naar eigen smaak)
- Schil van een citroen
- Blikje gecondenseerde melk
- Grof gemalen zeezout


We beginnen met de langste klus: het koken van het blikje gecondenseerde melk. Wij hebben de blikjes met karamel standaard in ons keukenkastje staan voor noodgevallen, maar wanneer je dit niet hebt moet je het blikje melk nog koken. Breng een pan vol water aan de kook en leg het blikje gecondenseerde melk in het water. Zorg dat het blikje helemaal onder water komt te staan, anders kan hij ontploffen en vliegt de karamel door de keuken. Het koken duurt ongeveer drie tot vier uur. Als je het blikje vervolgens (na wat afkoelen) openmaakt, is het lichtbruine karamel geworden. 


Voeg hier een gewenste hoeveelheid grof zeezout aan toe en laat nog even op het aanrecht staan tot we het gaan gebruiken voor de taart. Splits het ei en rasp de schil van de citroen met een fijne rasp. Voeg het bakmeel, 200 gram suiker en het mespuntje zout in een kom. Snijd de boter in hele kleine blokjes en meng en kneed deze door de suiker totdat een kruimelig deeg ontstaat. Voeg het eiwit en de helft van de citroenrasp toe. Bewaar het eigeel trouwens maar, dit kan je gebruiken om de taart mee te bestrijken voordat hij de oven in gaat. Kneed met koele handen snel tot een deegbal. Druk plat, verpak het in vershoudfolie en leg het voor een uurtje in de koelkast.

Verwarm de oven voor op 170 graden. Vet een grote springvorm in met boter en een laagje bloem. Bestuif het werkblad (of een snijplank voor minder geklieder), de deegroller en de deegbal met bakmeel en rol tweederde van het taartdeeg uit tot een plak van een centimeter dik. Hiermee ga je de bodem en dan de randen van de vorm bekleden. Tip: steek eerst met de springvorm een cirkel uit het deeg en leg die op de bodem van de vorm. Bekleed vervolgens de randen met het restant van het uitgerolde deeg.

Wanneer de springvorm is bekleed met het deeg, kan je de appels gaan snijden. Wij willen een netjes-uitziende taart vandaag, dus we snijden dunne plakjes van de appels met een mandoline (a.k.a. de vingertopjeskiller). Je kan de appel ook in blokjes snijden, natuurlijk. Vervolgens kan je de appelstukjes/plakjes/blokjes op smaak brengen met een theelepel kaneel, de andere helft van de citroenrasp en een eetlepel suiker. Mix goed door elkaar.


Plaats nu de stukjes appel op de door jou gewenste manier in de springvorm. Wij kiezen ervoor om de appel in een soort 'bloemvorm' in de vorm te leggen. Halverwege de vulling (wanneer je dus nog de helft van je appelstukjes overhebt) smeer je de laag appels royaal in met de gezouten karamel. Hierna plaats je de rest van de stukjes in de taartvorm. 


Op het laatst giet, schenk of smeer je de rest van de karamel op de appel. De randjes van het deeg kan je een stukje over de vulling heen vouwen, om te voorkomen dat de karamel straks buiten zijn 'oevers' treedt. ;-) Bestrijk de bovenkant van de taart met eigeel zodat het deeg mooi gaat glanzen. Bak de appel-karameltaart af in het midden van de oven voor ongeveer 45 minuten tot een uur.

Wanneer het deeg goudbruin is, is de taart klaar!


vrijdag 28 november 2014

Chocolade-espressotaart uit Delicious - Hét bakboek

Ooit deed ik voor de grap eens mee met een mail&win wedstrijd uit het Delicious magazine. Geen idee precies waarom. Letterlijk maanden later plofte dit boek, Delicious. Hét bakboek, op de deurmat. Aangezien ik nooit iets win (eerlijkheid gebied te zeggen dat ik ook verder nooit meedoe aan winacties dus dan is dat ook wel logisch), was dit een aangename verrassing. Het is namelijk nog een best lekker bakboek! Van alle 132 bakrecepten besloten we om vandaag de mokkataart (gekke naam, die hebben we wel even veranderd) te maken. Want zeg nou zelf, koffie en chocolade in één taart klinkt toch wel echt als de hemel.


BENODIGDHEDEN

Voor het deeg
- 250 gram bloem 
- 100 gram koude boter, in kleine stukjes 
- 1 theelepel fijne kristalsuiker 
- Snufje zout 
- 0,4 dl koud water 

Voor de chocolade-espressovulling
- 200 gram pure chocolade 
- 300 ml volle melk 
- 100 ml extra sterke espresso 
- Vier eieren 
- 2 eetlepels cacaopoeder 
- 2 eetlepels maïzena 
- 75 gram fijne suiker 


We beginnen met het maken van het deeg voor de bodem van de taart. Voeg de bloem, boter, zout en suiker in een mengkom, en mix alles door elkaar. Voeg hierna voorzichtig het koude water bij het mengsel, en blijf mixen tot er een kruimelig mengsel ontstaat. Mix niet te lang, wanneer het een samenhangend deeg is, is het goed. Rol het deeg in plasticfolie en leg het voor twintig minuten in de koelkast.


Verwarm de oven voor op 180 graden. Vet een springvorm met een doorsnede van ongeveer 28 cm in met een beetje boter en eventueel daar overheen een laagje bloem. Rol het deeg op een met bloem bestoven werkvlak uit. Bekleed de ingevette bakvorm met het deeg en druk het daarbij zorgvuldig in de hoekjes. Prik met een vork gaatjes in het deeg. Om een natte bodem (oh my god, soggy bottom!) te voorkomen, is het het beste om de bodem eerst 'blind' te bakken. Hiervoor gebruik je blindbakbonen (te koop bij de betere kookwinkel) of, zoals wij het doen, met een zak ongekookte kikkererwten. Werkt net zo goed, en dit is bovendien een stuk goedkoper. Plaats een stuk bakpapier over de bakvorm, en leg de bonen hier bovenop. Bak de bodem vervolgens 15 minuten op 180 graden. Haal de bakbonen eruit en bak nog vijf minuten af, zodat hij knapperig kan worden. Daarna moet je de bodem even af laten koelen in de vorm.



Zet de oven op 160 graden. Nu kan je de vulling van de taart gaan maken. Zet een goed sterke bak koffie, zodat je er straks 100 milliliter van door de vulling kan doen. De rest kan je lekker zelf opdrinken. Smelt de chocolade au-bain-marie, en voeg de espresso hier aan toe. Roer in het mengsel tot de espresso en de chocolade met elkaar vermengd zijn. Klop in een aparte kom de eieren, het cacao en de maizena door elkaar. Klop hier het warme chocolademengsel (voorzichtig!) door. Begin met een kleine lepel van het chocolademengsel om het 'familie te maken'. Hierna kan de rest erbij. Schenk het mengsel in de afgekoelde taartbodem, en bak de taart af voor ongeveer een half uur, tot de vulling gestold is (en een beetje wiebelig wanneer je hem zachtjes heen en weer schudt). Laat de taart afkoelen en bestrooi hem royaal met cacaopoeder. Wij vonden het leuk om er nog wat koffieboontjes op te leggen. Maar dit hoeft natuurlijk niet. Eet smakelijk!

vrijdag 21 november 2014

Madeleines

Deze week wijden we een blogje aan een absolute Franse klassieker. En denk je aan de madeleine, dan denk je aan legendarisch schrijver Marcel Proust. De geur van een madeleine opende voor hem een wereld aan herinneringen. Marcel Proust beschreef in zijn boek A la recherche du temps perdu hoe hij een madeleine doopte in een kopje thee. De zoete geur die de thee daardoor kreeg, herinnerde hem aan een ver verleden. Hij omschreef zijn meest geliefde cakeje als volgt:

"It’s light, spongey and not much bigger than a walnut, yet it’s imbued with the potential to evoke powerful memories of things past. It’s the humble madeleine."

Met dit recept heb je binnen een handomdraai (ongeveer) 24 heerlijke madeleines. Je hebt alleen wel een madeleinevorm nodig, maar die zijn tegenwoordig goed te verkrijgen bij de betere kookwinkel.


BENODIGDHEDEN

- 200 gram boter
- Vier eieren
- 180 gram bloem
- 150 gram suiker
- 20 gram bruine basterdsuiker
- 20 gram honing
- 5 gram bakpoeder
- Disaronno (of een andere amandellikeur)
- Vanille extract
- Snufje zout

Verwarm eerst alvast je oven voor op 200 graden. Smelt vervolgens de boter in een pannetje op laag vuur, en voeg hier de vanille aan toe. Laat de boter licht bruinen onder af en toe roeren. Hierdoor creëer je een beurre noisette. De Franse term betekent letterlijk 'hazelnootboter'. Er worden echter geen noten gebruikt: de naam slaat op de nootachtige smaakt die boter krijgt wanneer het bruin kleurt. Hierdoor krijgt het een rijkere smaak. Verdeel de boter in kleine blokjes wanneer je ze in de pan legt. Op een gegeven moment zal je zien dat er schuim en belletjes ontstaan op de boter: nu verdampt het water in de boter en scheiden de eiwitten zich van het vet. De boter zal nu snel verkleuren. Wanneer de boter bruin is haal je het van het vuur en laat het afkoelen.



Meng in een kom de suiker, basterdsuiker, eieren en honing, en klop dit tot het luchtiger is. Spatel vervolgens de bloem, het bakpoeder en een mespuntje zout door het eimengsel. Als dit vermengd is, voeg je de afgekoelde, gesmolten boter door het mengsel. Voeg hierna een scheutje Disaronno toe aan het beslag. Voeg dit toe naar eigen smaak; je kan tussendoor het beslag even proeven. Laat het beslag nu even rusten in de koelkast, voor ongeveer twintig minuten. Vet je madeleinevorm in en bestuif het daarna met bloem. Vul de vormpjes met het deeg en zet ze voor tien minuten tot een kwartier in de oven, tot ze goudbruin zijn. Laat de cakejes even afkoelen voordat je ze uit de vorm haalt.

(Sorry not sorry voor dit slechte plaatje.)

zondag 16 november 2014

Pepernoten (oke, stiekem toch kruidnoten)

Sinterklaas is weer in het land! En ook al liggen de pepernoten tegenwoordig het hele jaar door in de supermarkt, de échte trek in sinterklaassnoepgoed is nu voor de meesten officieel begonnen. We hebben de afgelopen jaren vaker geprobeerd om zelf pepernoten te maken, maar ze werden nooit zo lekker als die van de bakker, of die van het betere supermarktmerk. We denken zelf dat het aan het kant-en-klare speculaaskruidenmengsel ligt. Deze bevatten vaak veel zout, veel E-nummers en weinig verschillende kruiden. We maken vandaag dan ook pepernoten met zelfgemaakte speculaaskruiden. Véél lekkerder. Laat die feestdagen maar beginnen!


BENODIGDHEDEN
Voor de speculaaskruiden (een voorraadje!)
- 8 theelepels gemalen kaneel 
- 2 theelepels gemalen kruidnagel 
- 2 theelepels gemalen koriander
- 2 theelepels gemberpoeder
 - 1 theelepels gemalen nootmuskaat
 - ½ theelepel gemalen kardemom
- 1 theelepel gemalen foelie

Voor de pepernoten
- 250 gram zelfrijzend bakmeel
- 125 gram licht- of donkerbruine basterdsuiker
- 100 gram koude roomboter
- 4 eetlepels melk
- 6 theelepels speculaaskruiden
- Snufje zout


Verwarm eerst alvast je oven voor op 175 graden. Hierna maken we de speculaaskruiden. Maal de foelie fijn met een vijzel. Meng alle losse kruiden in een kommetje door elkaar. Ruik tijdens het mengen goed; je kan naar eigen smaak wat afwijken van de voorgeschreven verhoudingen, wanneer je bijvoorbeeld minder van kardemom houdt. Wij vonden de bovenstaande verhoudingen perfect, maar over smaak valt natuurlijk te twisten. Van dit recept voor speculaaskruiden kan je meerdere keren pepernoten (of speculaasjes) bakken. Je kan het kruidenmengsel in een luchtdicht (weck)potje nog maandenlang bewaren.


Meng vervolgens alle droge ingrediënten in een kom door elkaar, en voeg hierna de blokjes (koude!) boter toe. Probeer het deeg zo koud mogelijk te houden, hier worden je pepernootjes brosser en krokanter door. Meng de boter met een vork alvast zo veel mogelijk door de rest van de ingrediënten, en meng later verder met je handen. Voeg af en toe wat eetlepels melk toe om het deeg tot een samenhangende substantie te krijgen. Zorg er wel voor dat het deeg niet te nat wordt. Wanneer het deeg goed aanvoelt, kan je de pepernootjes gaan vormen. Rol ze tussen je handen en druk ze een klein beetje plat op de bakplaat. Bak de pepernootjes af voor ongeveer 20 tot 25 minuten in het midden van de oven. De pepernoten zijn klaar wanneer ze lichtjes gebruind zijn aan de onderkant (even snel eentje omdraaien voordat je ze uit de oven haalt dus!).